Je kunt Blanchitsu heel ingewikkeld maken door tientallen kleuren klaar te zetten, verschillende weathering-technieken te verzamelen en eerst uren te bedenken hoe John Blanche het waarschijnlijk zou hebben aangepakt. Je kunt ook gewoon een miniatuur pakken, een richting kiezen en beginnen. Dat laatste werkt meestal beter.

Bedenk eerst wat voor karakter je wilt neerzetten. Oud en verweerd? Donker en industrieel? Religieus, ongezond of een soldaat die duidelijk al iets te lang op campagne is? Als je nog niet helemaal weet waar die typische uitstraling eigenlijk vandaan komt, geeft Wat is Blanchitsu? je eerst wat meer achtergrond bij de stijl.

Begin met weinig kleuren

Een beperkt kleurenpalet is een goede basis voor een Blanchitsu-miniatuur. Kies een paar gedempte of aardse kleuren voor de belangrijkste delen, voeg iets toe voor huid en metaal en zorg dat je een donkere en een lichte kleur hebt waarmee je contrast kunt maken. Je hoeft niet voor ieder materiaal een compleet andere reeks verf te gebruiken.

Sterker nog, wanneer dezelfde kleuren op verschillende plekken subtiel terugkomen, voelt de miniatuur vaak juist meer als één geheel. Een beetje van dezelfde bruine tint in leer, stof en vuil kan bijvoorbeeld helpen om verschillende materialen bij dezelfde omgeving te laten horen. In Welke kleuren gebruik je voor een Blanchitsu kleurenpalet? bouwen we zo’n selectie verder op.

Gedempt betekent niet vlak

Een model kan bijna volledig uit bruine, rode, grijze en vale tinten bestaan en toch behoorlijk veel contrast hebben. Dat contrast is belangrijk, omdat je anders al snel eindigt met een miniatuur waarbij alles ongeveer dezelfde visuele waarde heeft. Een gezicht, hand, wapen of ander belangrijk detail mag daarom best meer aandacht krijgen dan een stuk stof aan de achterkant van het model.

Je hoeft ook niet iedere rand van iedere pantserplaat exact even sterk te highlighten. Bepaal waar je wilt dat iemand als eerste kijkt en gebruik daar de grootste verschillen tussen licht en donker. Minder belangrijke delen mogen rustiger blijven, waardoor de delen waar je wél aandacht aan hebt besteed juist sterker naar voren komen.

Laat metaal, huid en stof anders aanvoelen

Een veel interessanter resultaat ontstaat wanneer materialen niet allemaal op dezelfde manier worden behandeld. Metaal kan donkere plekken, krassen en verkleuring krijgen, leer mag wat onregelmatig zijn en stof kan naar lichtere of vuilere tinten verlopen. Je kunt dezelfde kleuren gebruiken om het palet bij elkaar te houden, terwijl de manier waarop je ze aanbrengt bepaalt welk materiaal de kijker ziet.

Met huid kun je helemaal veel doen. Een klein beetje rood, grijs, bruin of paars in je huidtinten kan een gezicht vermoeid, koud, ziekelijk of gewoon een beetje onheilspellend maken. Dat past vaak veel beter bij het karakter van zo’n miniatuur dan een perfect gezonde huidskleur.

Verwering moet ergens vandaan komen

Weathering is leuk, waardoor ook het gevaar bestaat dat na twintig minuten ieder stukje van de miniatuur een kras, roestplek, vlek en drie verschillende soorten vuil heeft. Probeer slijtage daarom logisch te plaatsen. Schoenen, benen en de onderkant van kleding worden vuil, uitstekende randen raken beschadigd en rond verbindingen en verdiepingen kan vuil zich verzamelen.

Begin rustig en kijk tussendoor naar het hele model. Je kunt altijd nog een vlek of kras toevoegen als een gedeelte te schoon blijft. De vijftiende verwijderen omdat je miniatuur inmiddels op een opgegraven aardappel lijkt, is aanzienlijk lastiger.

Welke John Blanche verf gebruik je hiervoor?

Je hebt absoluut niet de complete John Blanche Masterclass reeks nodig om één miniatuur te schilderen. Kies kleuren die daadwerkelijk een taak hebben binnen je palet: misschien zoek je iets voor huid, verweerd materiaal, diepe schaduw of juist een opvallend accent. In Welke John Blanche Masterclass verf heb je nodig? kijken we precies vanuit dat perspectief naar de reeks.

De losse Masterclass kleuren vind je samen met de andere The Army Painter verf en verfsets in onze Army Painter collectie. Zo kun je gericht de kleuren kiezen die een functie hebben binnen je project in plaats van automatisch een compleet verfrek op één miniatuur los te laten.

Wanneer is een Blanchitsu-miniatuur klaar?

Dat is misschien wel het lastigste onderdeel. Bij een stijl waarin vuil, beschadigingen en textuur onderdeel van het resultaat zijn, kun je namelijk eindeloos doorgaan. Zet het model daarom af en toe neer en bekijk het van normale afstand. Kun je zien waar het belangrijkste punt van de miniatuur zit, zijn de materialen van elkaar te onderscheiden en werken de kleuren samen?

Als het model de sfeer heeft die je aan het begin voor ogen had, mag je stoppen. Ook als er technisch gezien nog ergens ruimte is voor een extra kras. Blanchitsu draait uiteindelijk niet om zoveel mogelijk effecten op één miniatuur krijgen, maar om karakter, sfeer en een model dat eruitziet alsof het ergens vandaan komt.